Wel of niet daadwerkelijk dauwtrappen, maar ruim voor het ontbijt werd er al intensief gevogeld. Veel mooie waarnemingen volgden elkaar razendsnel op. Een greep: Koereiger, (erg veel) Flamingo’s, Purperkoet, Steltkluut, Audouinsmeeuw, Witwangstern, Hop, Orpheusspotvogel, Cetti’s Zanger, Zwarte Spreeuw, Eurokanarie Na ontbijt in het restaurant doken we met de lunchpakketten meteen de busjes in. We zouden naar een stuk of vier, vijf Natura 2000-gebieden gaan. Het is niet zo dat de Ebrodelta helemaal of grotendeels een “Parc Natural” is, want verreweg het grootste deel wordt agrarisch gebruikt (vooral rijstbouw). Vier reservaten liggen los van elkaar aan de noordkust, vier aan/bij de zuidkust en eentje in het westen wat meer binnenslands. Kees had de zuidkust in petto omdat deze gunstiger ligt vanuit onze verblijfplaats en de daar voorkomende soorten wel ongeveer de hele Ebrodelta vertegenwoordigen. We bezochten vooral rietmoerassen, plasjes en open water, maar ook strand, zee, duinen, verspreide boombegroeiing, ruige stukken enz. werden natuurlijk benut. Er waren veel kijkhutten en uitkijktorens, de wandeling waren kort tot nihil behalve over het strand (langs een niet toegankelijk reservaat).

Moerasvogels voerden zoals verwacht de boventoon, de lijsten konden al gauw verder worden opgevuld.  Soorten als Kwak, Ral- en Purperreiger, Zwarte Ibis, Krooneend (opvallend  veel), Zwartkop- en Dunbekmeeuw, weer Audouinsmeeuw  (de delta heeft een grote kolonie), Lach- en Reuzenstern, Snor, Grote Karekiet en“zippend boogvliegende” Graszangers zorgden voor veel vogelaargenot.
Ook meerdere strandlopersoorten waren present, net als Vorkstaartplevier, Iberische Gele Kwik, Roodkopklauwier en Paapje. Reisleider Kees was echt verrast om nog een Scholekster en Pijlstaart te zien, deze zijn er eind april echt zeldzaam. Een opmerkelijke waarneming was die van een Visarend, die minutenlang voor de busjes uit bleef vliegen met een forse visprooi (in stroomlijnpositie, erg fraai!) in de klauwen.

We besloten de dag met een bezoek aan de havenstad St. Carles de la Ràpita. Hier kregen we meeuwen en sterns in de buitenlucht voorgeschoteld, maar we konden er ook binnen van bovenaf de visafslag bekijken. Het was daar trouwens ondoenlijk om via ons reukorgaan de vele soorten vis te determineren! Bij het “lijsten” bleken we intussen op 74 soorten te staan. Het diner bleek voor veel deelnemers meer dan maagvullend: de meerdere voorgerechten waren zó overvloedig dat het hoofdgerecht in een aantal gevallen als bijgerecht ging fungeren.

Flamingo Adouinsmeeuw