Bus 2 – Dag 1 – Zaterdag 29 april 2006

Vandaag schrijven wij 29 april 2006, eindelijk is het zover, we gaan naar Extremadura. Zoals vaak op bijzondere dagen zijn Ann en ik veel te vroeg wakker, dus alle tijd om nog eens de paklijst door te nemen of we niets vergeten zijn en onze proviand klaar te maken. We hadden met afgesproken om met de Interliner van het station in Alphen te vertrekken, waarnaen bij de Herenhof zouden instappen. Zo gezegd zo gedaan. Om 9. 15 uur melden wij ons bij en lopen gezamenlijk naar de bushalte om de bus van 9. 41 uur te nemen. Deze bus stond al klaar, alleen ging deze niet naar Schiphol. De chauffeur deelde ons desgevraagd mede dat er een andere regeling gold en dat hij niet zeker wist of er nog een bus kwam en informeren kon hij ook niet i. v. m. een storing op de centrale. In spanning wachten we af op de dingen die op ons af zullen komen. De bus vertrekt en een andere is nog niet in zicht, wij zitten inmiddels wel een beetje in ons piepzak. Om 9. 45 uur komt er gelukkig met een behoorlijke snelheid een bus aan, die direct, nadat wij zijn ingestapt, wegrijdt. Voor we bij de Herenhof zijn is de voorgaande bus al ingehaald en rijden we met en aan boord voorspoedig naar Schiphol.

Hoewel het nu 10:10 uur is staan er twee zenuwachtige heren ons op te wachten omdat het vliegtuig schijnt te zijn overgeboekt dus voortmaken.

Het vliegtuig staat klaar

Een vriendelijke Spaanse hostess helpt ons snel inchecken omdat de automaat niet doet wat zij wil. En zo is de groep compleet. De vlucht voorloopt voorspoedig, omdat Ann aan het raam zit kijk ik voor het grootste deel tegen de achterkant van haar hoofd. Ze geeft regelmatig verslag van wat ze ziet en dat maakt weer een hoop goed. Na een bijzonder zachte landing ervaren wij direct de Spaanse mentaliteit. Bij Hertz is er slechts een bus beschikbaar op de andere twee busjes moeten wij helaas wachten. Dat duurt meer dan een uur, dus in die tijd maar wat gevogeld en mijn eerste kruis (zwarte spreeuw) gespot. Rond 17. 00 uur zijn er drie busjes, de bagage wordt ingepakt en we vertrekken naar “Camping Monfragúe".

Halverwege wordt er een plaspauze ingelast die voornamelijk wordt gebruikt om te vogelen en de scorelijsten worden al voor de dag gehaald.

Op de camping aangekomen wordt er bivak gemaakt naast de vier huisjes worden er drietentjes neergezet voor de echte natuurliefhebbers. Een tweede kruis (blauwe ekster) wordt genoteerd en om 21:30 uur rijden we met zijn allen naar het hotel waar het diner is besproken. Rond 23:30 uur zijn we weer terug op de camping en wordt er nog een dwergooruil gehoord (derde kruis) waarna iedereen moe maar voldaan zijn mandje opzoekt. Al met al een dag die en ik niet gauw zullen vergeten.

Bus 2 – Dag 2 – Zondag 30 april 2006

Talavan/Rio de Almonte Na een sober ontbijt in het restaurant van het bungalowpark en inkoop van brood, beleg in het minimarktje gaan we richting Trujillo. Even voorbij Villareal de San Carlos bereiken we een hoge rotspartij aan de Rio Tajo ( de Taag), waar we stoppen en onze ogen uitkijken op de vele gieren, die hier uit zitten te rusten, rondvliegen en nestelen. Meest Vale Gieren,  ook Aasgier en een enkele Monniksgier.

Monniksgier

Deze laatste zijn zeldzaam horen we van. Bijzonder is ook de Zwarte Ooievaar, die hoog op de rots nestelt. Hoog op de rotsen, maar ook lager fraaie kleine vogels, de Zwarte Tapuit en de Blauwe Rotslijster.

Met stijve nekken van het omhoog staren door onze telescopen trekken we iets verder langs de rivier waar we een stel turende Italianen aantreffen. Stoppen dus. Zij wijzen ons op een Roodkopklauwier en onze eerste Rode Wouw. Had ik pas bij de Oostvaardersplassen gezien, waar die zeldzaam is. Voorbij Torrejon el Rubio stoppen we voor een kopje koffie en worden getrakteerd op twee buitelende Slangenarenden, poten verstrengeld. Ook een Hop wordt gezien, voor mij te ver weg. Even verderop stoppen we en lopen  door landerijen met kurkbomen. We pauzeren op een heuvel met fraai uitzicht, maar weinig vogels, klein en ver weg. We hadden inmiddels de weg naar Trujillo verlaten en reden richting Monroy. Langs de weg bij een groepje dennenbomen treffen we een grote groep Ooievaars aan op hun nesten. We rijden verder richting Talavan met leuke waarnemingen, weer een Slangenarend, talloze Kuifleeuweriken. De Zwarte Wouw, die hier veel meer voorkomt dan de rode, leren we ook kennen.  

Bij een vogelhut bij de Embalse de Talavan komen we de eerste Spaanse Mussen tegen en op de draden enkele Bijeneters en een Grauwe Gors. We lunchen bij de hut. Op het meertje is het niet druk, wel Fuut, Dodaars, Krakeend, Slobeend. Ook 3 soorten zwaluwen, Boeren-, Roodstuit- en Rotszwaluw, en op een rotsblok een Klapekster. Langs de weg op de draden regelmatig Bijeneters, soms onder ons als we boven de velden rijden.

Verder richting Hinojal, waar we de velden afspeuren naar Trappen, zoals ik in Hongarije ervaren had, geen eenvoudige klus, en we zien ze ook niet. We turen naar de muurtjes in het veld. Dat levert in de trillende atmosfeer toch nog een Blonde Tapuit en een Steenuiltje op. We noteren een hele donkere Grauwe Kiekendief, volgens een uitzonderlijke waarneming. Onze eerste Kalanderleeuweriken, vliegend langs de weg in de velden.

We bereiken de Rio Almonte, waar het hoog water is en de slikjes onder staan, geen steltlopers. Wel een enorm aantal zwaluwen, vliegend en onder de brug nestelend met alle gelegenheid voor ons om te oefenen op de verschillen. Gelukkig zit er een Rotszwaluw op een richeltje onder het viaduct, bijna aaibaar. Prachtig, de grote Alpengierzwaluwen die onvermoeibaar onder de brug door heen en weer zoeven. Vlak voor we daar vertrekken worden twee Steenarenden ontdekt. Aan het vliegbeeld is aan de witte staartveren goed te zien dat de één een juveniel is. Later gaan ze allebei op een rotsblok zitten. Volgens de kenners is dit de waarneming van de dag. Ik heb de hele dag al mijn ogen uitgekeken.

We rijden terug via Monroy onderweg lettend op de vele Scharrelaars nestkasten langs de weg, niemand thuis. Via een lange binnendoorweg vol kuilen (zeker 15 km. ), waar we en passant bijna over een Rode Patrijs heenrijden, bereiken we weer de hoofdweg Trujillo-Malpartida de Plasencia. Langs de nu bekende gierenrots gaat het weer campingwaarts. Bij de brug over de Taag vliegen enkele Rotsduiven. Een applausje voor gids en chauffeurs en besluit deze dag.

Bus 2 – Dag 3 – Maandag 1 mei 2006

De Brozas driehoek, hoe warm het was en hoe ver Er staat een echt stepperitje op het programma. Het doel is uiteraard steppevogels te vinden. Ik ben al vroeg wakker en sta om kwart voor zeven al buiten. De dag begint met een koor van huismussen en zwarte spreeuwen. Deze laatste lijken muzikaler dan onze eigen spreeuwen. Blauwe eksters laten zich ook al vrij snel bewonderen en de betonpaalkruiper zit op zijn zangpost naast de bungalow. Een zwarte wouw (sorry) komt speurend langs gevlogen. Na het wat uitgebreidere ontbijt maken we ons klaar voor de reis.

Eerst even het weggetje bij het station van Montfrague een stukje in rijden. De verwachte rotsmussen worden inderdaad gevonden en ook heel dichtbij op een van de vervallen muurtjes een prachtige hop.

Omdat het doel vandaag nogal ver weg ligt, kiezen we de (snel)weg tussen Plasencia en Caceres. Er zijn er niet zoveel mogelijkheden te stoppen. We passeren een groot stuwmeer in de Taag met hier en daar prachtige uitzichten vanaf de weg. Het water staat bijzonder hoog valt ons op. Na ongeveer 70 km verlaten we deze weg richting Arroyo de la Luz en stoppen vrijwel onmiddellijk bij een aantrekkelijk gelegen plasje om de dag rustig te beginnen. Gezeten op de vangrail genieten vooral van de bijeneters boven het water met daarboven zowel rode als zwarte wouw en hoog een dwergarend.

Ook roodstuitzwaluwen scheren over het water.

Na ca 30 minuten vervolgen we onze route om via Arroyo richting Aliseda te gaan. De weg is op verschillende plekken opgebroken wat kennelijk aantrekkelijk is voor bijeneters, want net als onze oeverzwaluwen thuis, graven ze hun holen in de tijdelijke zand en grindhopen die de wegwerkers opwerpen. We zien er enkele op aanraakafstand naast de auto.

We passeren nog een paar leuke plasjes, maar hierin is niet veel vogelleven te bespeuren. Wel treffen we hier onze eerste aalscholvers, een niet algemene soort voor Spanje en wat futen. In de struikjes en op de draden en hekjes uiteraard kuifleeuwerik en grauwe gorzen. Alweer komt dwergarend over en omdat deze niet al te hoog zit, laat die zich goed aan de onderkant bekijken.

Via een klein stukje autoweg komen we bij Aliseda en slaan hier af richting Brozas. Vrijwel direct rijden we in het dal van de Rio Salor en we houden een koffiestop bij de brug in dit aantrekkelijke gebiedje. Opvallend hier is de aanwezigheid van grote karekiet. In het gaas langs de weg laten de roodkopklauwieren zich mooi bewonderen. Een rode wouw zweeft voorbij. Ook de zuidelijke klapekster is goed te bewonderen.

We rijden verder en het landschap verandert in een glooiend steppegebied. Hier begint het zoeken naar de door ons zo gewenste hoenders en Trappen. Het valt niet mee. Het is inmiddels goed warm geworden, ergens tussen de 25 en 28 graden. Verscheidene stops met bijbehorende tuurpartijen over de door de warmte trillende vlakte leveren alleen Ooievaars op. De kalanderleeuweriken vliegen hier wel om je oren en zijn ook goed waar te nemen.

We maken een lunchstop voor Brozas., en  hebben goed ingekocht. gaat even liggen zonnen op het warme asfalt. De cirkelende vale gieren hebben geen belangstelling voor deze hun aangeboden lunch.

Na de stop vervolgen we de weg links af richting Herreruela. Het landschap lijkt welhaast nog droger te worden. Het is hier lastig stoppen en bijna bevangen door de hitte (de airco mag vanpas aan boven de 25 graden) ondernemen we nog maar 1 echte poging om hier steppevogels te vinden. Een kleine windhoos wordt zichtbaar door opwervelend stof van de geploegde akkers.

Weer bij de Rio Salor aangekomen pauzeren we op de doodlopende weg over de oude brug en maken hier een leuk wandelrondje. Het gebied is aantrekkelijk groen en we doen nog een paar leuke waarnemingen. Beneden bij de rivier zingt de nachtegaal en onder de oude brug hebben we goed zicht op roodstuit-, huis-  en rotszwaluw. Tot onze aangename verrassing melden zich er ook nog 2 alpengierzwaluwen bij.doet een poging om een mooie zingende grijze gors man te filmen en de Europese kanarie laat zich, knal geel als deze is, in de felle Spaanse zon eveneens goed bekijken. Bij de nieuwe brug hebben we goed zicht op de nesten van broedende Spaanse mussen. Vooral de mannetjes zijn prachtig getekend.

We vervolgen de route naar het oude station van Herreruela. De routebeschrijving uit Muddeman klopt niet helemaal, maar we vinden het wel. Het uitzicht hiervandaan is prachtig. Het station is helemaal vervallen en zeker niet meer in gebruik, de spoorlijn nog wel. Er komt monniksgier overvliegen en we hebben hier onze eerste kneuen.

We bezoeken hierna nog een gebiedje onder Alesida waar we nog enkele zangwaarnemingen aan ons voor die dag bescheiden lijstje (57 soorten) toevoegen te weten. de Wielewaal en de orpheus grasmus. De over de bus vliegende kuifkoekoek ontgaat de meeste inzittenden helaas.

Via de vele rotondes bij Caceres keren we langs dezelfde route als vanmorgen terug naar de camping.

Bus 2 – Dag 4 – Dinsdag 2 mei 2006

Dagtocht naar Cabañas de CastillioAlweer mooi weer. De geplande route rond Brozas is ingeruild voor een tocht naar een meer bergachtig gebied in combinatie met wat moeras. Natuurlijk begint de dag met de vertrouwde blauwe eksters en de betonpaalkruiper. De zwarte spreeuwen zingen al weer volop. Op weg naar het ontbijt komt de vertrouwde zwarte wouw (sorry) op zijn vaste tijd over.

Rond half negen vertrekken we richting Malpartida de Plasencia voor een tankstop. gaat tijdens de stop even een fotorolletje inslaan maar krijgt in de plaatselijke winkel te horen dat die alleen op de camping worden verkocht. Tja….   ‘s Avonds zou blijken dat hij gewoon een rolletje in zijn tas had zitten.

We verlaten het stadje om via de ex108 Parque Natural de Montfragüe binnen te rijden. We passeren de rivier de Tietar en enkele beekjes. We stoppen om te luisteren op een van de bruggetjes en de vogelzang is verpletterend. Vooral nachtegaal en cettiszanger. Het vervolg van de weg is landschappelijk schitterend en zeer vogelrijk. Klapekster, roodkopklauwier

bijeneters, verschillende zwaluwsoorten en het miegelt van de Europese kanaries, die hun kostje bij elkaar scharrelen in het korte gras rechts van de weg.  

Het doel is Portilla del Tietar, vanwege de Oehoe en Spaanse keizerarend. De eerste laat zich niet zien (later in de week wel), hoewel het nest wel zichtbaar is. De jongen verschuilen zich vanwege de brandende morgenzon waarschijnlijk diep in de spleten tussen de rotsen. De keizerarend wordt plotseling door opgemerkt, terwijl deze op het boomnest land. Ook is even een jong te zien. Deze prachtige arend geeft ook nog een mooie vliegshow, waarbij de witte vleugelboeg en schoudervlekken goed opvallen. Ik vang hem in één beeld met een slangenarend en er komt ook nog eventjes een vliegende zwarte ooievaar vlak voor langs. Geweldig. Het kost best veel moeite om afscheid te nemen van deze mooie plek.

We keren op de smalle weg en rijden via Serrejon, langs de kerncentrale bij Almaraz, naar de snelweg. Na ca 20 km richting Badajoz, verlaten wij deze weer om langs de Sierra de Deleitosa naar Cabañas te rijden. De eerste stop langs deze prachtige weg, met een weids uitzicht over de vlakte rechts en de bergkammen links, levert minder vogels op dan verwacht. Wel bewonderen we een prachtige blonde tapuit op de telegraafdraden achter ons.

We passeren Deleitosa met vele ooievaarsnesten op het koepeldak van de kerk en Retamosa en klimmen langzaam naar ons doel. Cabañas ligt gedrapeerd tegen de bergkam, onder twee hoge pieken. Het landschap is schilderachtig, een beek kronkelt in de diepte. Een korte stop levert wat zonnende schildpadden op. Enkele minuten verder bereiken we Cabañas de Castillio. Misschien 100 inwoners, ik weet het niet. In ieder geval een en al rust. We parkeren waar de weg ongeveer ophoudt en lopen het laatste stuk naar boven voor onze lunchplek tussen de 2 pieken. Best stijl op sommige stukjes. Wat een uitzicht, fenomenaal. Een prachtige zwarte tapuit is ons deel, evenals zwarte roodstaart, baltsende blauwe rotslijster en grijze gors. Ook komen ook nog een paar alpengierzwaluwen langs zeilen. Natuurlijk zijn roodstuiters en rotszwaluwen ook weer van de partij. De slechtvalk die de andere groepen hier hebben gezien, vertoont zich niet. Na 5 kwartier stappen we op en keren deels via dezelfde route terug.

Zowel als  zien vrijwel tegelijkertijd vlak voor Deleitosa wielewalen vliegen. We stoppen en bootsen hun zang na. Ze antwoorden wel maar blijven tamelijk ver weg zitten.

Via een half opgebroken, maar mooie weg rijden we richting Almaraz. We stoppen even langs een bergbeek en zien op een muurtje een koppeltje blonde tapuiten, dat hierin een nest heeft. Bij Almaraz (Al moeras) aangekomen zetten we de auto langs de kant van deze toch wel drukke weg. We kunnen net tussen de vangrail en de plas lopen. Al snel zien we onze eerste purperreigers, terwijl we grote en kleine karekiet horen en ook mooi de zang van snor en sprinkhaanzanger kunnen vergelijken. Dank zij het geduld van, zien we heel dichtbij en ook erg goed een purperkoet door het riet klauteren. Een onvolwassen woudaapje vliegt over het riet weg en ook een bruine kiek komt even over zweven. Verschillende orchissen staan prachtig bloeiend in het gebiedje.

We rijden richting Serrejon en speuren naar grijze wouw, maar hebben geen geluk. Wel heel veel kleine torenvalken die zich zittend mooi laten vergelijken met de gewone torenvalk.

We gaan op weg naar huis. Een stop bij de oude brug over de Tietar levert nog wat bijeneters op die broeden in het lage talud van een akker en in de rivierbedding kleine plevier en oeverloper. Tegen 7 uur ’s avonds zijn we terug op de camping waar we nog wat nakaarten over deze zeer vogelrijke dag. De teller staat stil op 78 soorten.

Bus 2 – Dag 5 – Woensdag 3 mei 2006

Rond 08:45 vertrek. De lucht is licht bewolkt maar het zonnetje schijnt.

Richting Serradilla via het weggetje dat wij al een paar keer hebben gereden.

Een steenuil zit op een paaltje, we komen een paartje roodborsttapuit tegen en een bedelend jong van de rotsmus, dit is volgens  een regenwulp in musformaat. Langzaam rijden wij verder, de paaltjes afspeurend, zo'n 20 km lang. Een grote plastic uil op het dak van een huis is een bijzondere waarneming, het voordeel is dat deze tenminste stil zit.

Inmiddels zijn wij aanbeland bij de Sierra de la Herrera, een heel ander gebied met bergen en dennenbomen, daar houden wij een pauze, wij zien een dwergarend en een kleine zwartkop, kenmerkend zijn de rode ogen en oogring.

We rijden door de leuke nauwe straatjes van Serradilla en rond 11:30 naar de Taag, onderweg komen wij wat ezels en paarden tegen en hier rijden wij over de vlakte door het dal heen. We rijden via een zandweg en langs de kant zien wij modder etende huiszwaluwen, volgens  Spekkie op Bekkie. De uitspraak "zwevende niertjes" is ook al een paar keer gevallen in verband met de slechte gesteldheid van het wegdek. Bij de brug over de Taag zitten tientallen huiszwaluwnesten onder de rand van de brug en bovenaan de pilaren. Daar tussen in liggen heel veel strontplekken.

Door een wegwerker worden wij attent gemaakt op een broedende zwarte ooievaar en aasgier tegen de berghelling, het nest van de aasgier ligt best laag. Rond 12:15 gaan wij op weg naar het kasteeltje van Monfrague, weer door de bergen en dalen. Het wordt bewolkter en na de lunch lopen wij naar boven. De alpenkraai heeft bijna iedereen gezien en de vale gier kun je boven op zijn rug kijken omdat je zo hoog staat en het uitzicht is prachtig. Op naar de gierenrots (peña falcon)! We zien een nieuw zwarte ooievaarsnest en net als wij willen vertrekken zien wij wel 50 gieren in de lucht hangen enziet dat er een paar vale gieren aan het bikken zijn bovenaan de rots op een open grasvlakte. Heel leuk om te zien.

Oehoe - Echte Uilskuikens

Verder maar weer om een stukje te wandelen maar dat komt er niet echt van. Bij Villarreal de San Carlos komen wij de groep van Bertus tegen en wij eten lekker een ijsje. We gaan via de stuwdam, waar wij een jonge aasgier, rode patrijs en zwaluwen zien terug naar de gierenrots. Wij hebben inmiddels 98 km gereden en bij Mirador (uitkijkpost) Tiator zien wij twee Oehoe jongen en verderop een volwassen Oehoe. De jonge Oehoes zijn donzig met oranje ogen en je ziet ze draaien met de kop. De Spaanse Keizerarend die verderop broedt heeft ruzie met een vale gier. Twee Lachsterns schieten voorbij en de zwarte ooievaar is ook weer mooi te zien.

Rond 19:30 gaan wij naar de camping terug en de eerste regendruppels vallen op de ruit.

Bus 2 – Dag 6  – Donderdag 4 mei 2006

Rond half negen staan we wat besluiteloos richting het noorden, of te wel richting Sierra de Gredos, te kijken waar de lucht pot dicht zit in tegenstelling tot het zuiden daar is het mooi licht. Omdat er in ons busje een paar mensen zijn die dolgraag Ortolanen willen horen en misschien ook nog zien en zeggen dat hun dag dan niet meer stuk kan geeft dat de doorslag. We wagen het er toch maar op en vertrekken met al 1130 km op de teller.

Als we onze eerste stop maken hoort de Wielewaal. Onderaan de berg regent het licht maar dat is geen punt. De Wielewaal wordt gezien en genoteerd met een prettig gevoel stappen we weer in de bus de kachel wordt aangezet zodatzijn broekspijpen kunnen drogen, met gevolg!!!! Door al die vochtige kleding beslaan de ramen, het leek binnen net zo mistig als buiten (advies ) airco aan, dat helpt. en besluiten een poging te wagen om hogerop toch nog even te proberen of het boven op het plateau soms schoon gewaaid is.

Ortolaan!

Helaas niks geen zicht alles zit potdicht, dus rechts omkeer maar en beneden aangekomen een mooie wandeling gemaakt langs de rivier Rio Jerte, in het natuurpark aldaar.

Blonde tapuit

Terug bij de bus zien wij dat de lucht is opgeklaard. (Toch weer een poging) We gaan voor de tweede keer Puerto de Honduras op. Nu geen Wielewaal maar een Hop langs de kant van de weg met een lang slierterig beest in zijn bek. Ik zit in de verkeerde hoek om hem te kunnen filmen maar neemt het stokje over en laat zijn camera klikken, achter me hoor ik  ah ah wat mooi. Even verderop lopen met doodsverachting twee rode patrijzen langs de weg, ze rennen voor onze bus uit maar we gaan voor de Ortolanen. Die hebben wij gehoord en op een rotspartij hebben wij de Ortolanen ook nog prachtig kunnen zien!!!!!!!! Al met al een aantal mooie waarnemingen en vanwege de Ortolanen een zeer geslaagde dag. Op de camping aangekomen voegen we 328 km toe aan onze kilometerstand.

Bus 2 – Dag 7 – Vrijdag 5 mei 2006

Met mooi weer vertrokken richting het zuiden om ongeveer half negen. Eerste stop bij de brug over rivier Almonde Terio. Het water was laag, de rivier stond vol met witte, waterranonkel, eilandjes met fluitenkruid. Het landschap was glooiend, met een kleuren pracht. Van blauw stamgekruid en vele andere kleuren. Met vogelen stonden we een keer zo tussen de orchideeën in het gras.

Lepelaar

De lunch pauze was bij een stuwdam, daar was weer van alles te zien. Zwaluwen die nesten bouwen boven, onder tegen elkaar, onder een brug. En de zwaluwen maar aan en af vliegen om de jongen te voeren.

Na diverse stops komen we bij een vuilstortplaats (het rook er niet lekker). Daar zaten naar onze schatting op - en om de stortplaats de helft van het aantal Ooievaars als er in heel Nederland zijn. En aan zwarte wouwen méér dan er in heel Nederland zijn.

Buizerd

Als er dan een auto vuil stortte ging een ontelbaar aantal de lucht in, maar de Ooievaars waren heel vuil en vies. kon er niet genoeg van krijgen en ging op privé terrein om het nog beter te zien. Daar was echter een kwade hond. Onze gids nam een sprint en sprong over een stenen muurtje maar kwam helaas ten val. Onze en zijn schrik was groot, de hond werd teruggeroepen. We hebben hem op de been geholpen, wat schaafwonden, en een zere enkel was de schade, maar zijn kijker was nog heel. Na een uur zijn we aan de thuisreis begonnen. Het was een leuke dag geweest.

Bus 2 – Dag 8 – Zaterdag 6 mei 2006

Om 7 uur vertrokken op weg naar de Trappen. Al een paar dagen vele verre velden afgezocht en mooie Ooievaars voor Trappen aangezien.  Zou het vandaag wel lukken? We staan er vroeg voor klaar. Het zou voor ons en onze gids toch een fraaie bekroning van het intensieve zoeken zijn.  Dus richting Bélen.

Aan het begin van de "Trappenweg" direct al goed rond gekeken. En doet daar de ontdekking: Ja hoor! Drie boomstronken blijken er twee te kunnen worden! En als de telescopen er op staan blijken het inderdaad bijzondere vogels te zijn: Grielen. Velen van ons hadden daar nog nooit van gehoord of overheen gelezen: Maar het grote oog in het kopje is onmiskenbaar en onvergetelijk. markeert de plek van de waarneming met een fles: "Altijd handig om de andere vogelaars te informeren". "Doen ze dat dan?" is ons commentaar. Even later blijkt hoe zeer ze dat doen en dat nog "gematigd markeert".

De Engelsman - die ons iets eerder de weg had gevraagd - gebruikt zelfs zijn vrouw! En dat in het desolate landschap rond Bélen! Hij zelf raast heen en weer in zijn auto om ons zijn vondst te laten zien. En zo worden wij getuige wuivende Engelse Freule met telescoop en van een baltsende Kleine Trap! Met een prachtige zwarte keel/kraag. We genieten.  

Even voor "the dirt track for the big birds" bekijken we de uitgebreide bewoning van het enige plukje bomen en struiken in de wijde omtrek: zeer vol Ooievaars en koereigers.

Bij de track staat Busje 3: "Ja, wij hebben de Grote Trap gezien: voor jullie net achter de heuvel!" Het begint nu toch te jeuken: Hoe kan het dat iedereen Trappen ziet en wij niet? We besluiten om te rijden. We kiezen de juiste positie en horen van de spotters daar dat de Trap zichtbaar was, maar ook hier: "Ze zijn net achter dat ruggetje verdwenen". Brandstof, hitte of goed gedrag doen er niet meer toe: WE MOETEN NU Trappen zien.

Dan zien we dat busje 3 zeer gericht staat te spotten! Terug naar de dirt track en ja hoor ze waren zichtbaar en . . . ze zitten er nog! Uiteindelijk verschijnt de kop en de hals van één Grote Trap en in een langzame parade lopen er uiteindelijk zeker 15 gigantische Trappen door het beeld! is geslaagd, wij zijn geslaagd, en het team van busje 3 valt eigenlijk best wel mee!

Kleine Torenvalk - Een elegante verschijning

Gelukkig blijven we vogelaars en kunnen we ook genieten van de kleine torenvalk op de arena van Trujillo.

En van de Steltkluut met jong in Embalse de Albuerq. Die boodt ook een uitstekend vermaak tijdens de lunch. Na bezoek aan een zeer traditionele bakkerij - waar zich weer bakkersjongen voelt - genieten we bij de Rio Tamuja van het brood, het weidse beeklandschap, de kleine plevier en de jacht van een twintigtal bijeneters.  Weer een verrassende en mooie dag!

Bus 2 – Dag 9 – Zondag 7 Mei 2006

De terugtocht Aan alles komt een eind, dus ook aan deze mooie maar intensieve vogelweek. Het is rustig opstaan deze keer. Het ontbijt is afgesproken om half negen. Het vertrek richting Madrid zal omstreeks 12 uur zijn. Voor die tijd is er alle gelegenheid de spullen te pakken (voor zover dat de avond er voor al niet is gebeurd). Er wordt nog een laatste korte wandeling voorgesteld. Wie zin heeft mag mee. Een paar mensen blijven achter bij de huisjes. Het grootste deel van de groep gaat richting station in de hoop nog wat rotsmussen te zien. Ikzelf heb besloten richting Malpartida te lopen om hopelijk nog wat foto’s te maken m. b. v. mijn telescoop. Ik ben er bijna niet aan toegekomen deze week en heb gemerkt dat het nog te vaak onscherpe foto’s heeft opgeleverd. Kennelijk heb ik het nog niet helemaal in de vingers.

Als eerste laat een kleine zwartkop zich mooi zien en ik slaag er in daarvan een redelijk plaatje te maken. Het vrouwtje zit even verderop met voer in haar snavel te alarmeren, tec. . tec. . tec.   Na ca 500 meter sla ik een zandpad rechts in dat richting spoorbaan leidt. Hier stapt een Franse vogelaar net in zijn auto en hij vertelt mij dat de grijze wouw even verderop broedt (even als verleden jaar dus, maar dat dringt nu pas tot mij door). Ik passeer een ijzeren hek dat niet op slot zit en ja hoor op de aangegeven plek zit op de hoogspanningsdraden het mannetje van de grijze wouw. Hij vliegt telkens heen en weer tussen draad en nestboom. Het nest zelf kan ik niet zien. Terwijl ik probeer hem te fotograferen (helaas moet ik te veel digitaal inzoomen) hoor ik achter mij een arend schreeuwen. Ik vang de cirkelende vogel in mijn telescoop en het blijkt een juveniele Spaanse keizerarend te zijn. Prachtig. Verder dichtbij nog Wielewaal en de voor deze omgeving algemene soorten zoals roodkopklauwier, grauwe gors, kuifleeuwerik en hop.

Ik loop terug naar de camping waar bij de ingang op de telegraafdraden nog een grote lijster zit te zingen. De andere mensen zijn ook allemaal weer terug en we vertrekken na inlevering van de sleutels, iets na 12 uur richting Madrid. We rijden over de vers geopende snelweg richting Navalmoral en vervolgens de A5 op naar de Spaanse hoofdstad. Er wordt niet veel meer gevogeld maar een groepje overvliegende koereigers ontgaat ons toch niet.

Rond 13:20 uur stoppen we voor een lunch in een wegrestaurant, waar, hoewel ver weg, door nog een biddende slangenarend wordt gespot. Nog ca 100km te gaan naar Madrid. Er wordt besloten om ca 30 km voor de stad te tanken en dat is maar goed ook want al spoedig na deze stop raken we verzeild in de drukte van Madrid en omdat er veel wegwerkzaamheden zijn, raken we elkaar nog bijna kwijt ook in het verkeer. Uiteindelijk komen we gezamenlijk op de rondweg richting vliegveld Barajos uit. De auto’s worden ingeleverd bij Hertz (knap speurwerk voor de goede afslag Bertus). Het is 15:50 uur. Alle tijd om in te checken. En dat is maar goed ook. Er is verwarring over waar dat precies moet, en het vliegtuig blijkt wederom overboekt te zijn. Gelukkig worden wij niet het slachtoffer daarvan. De vliegreis verloopt goed en comfortabel (ik heb nog nooit zo’n ruime zitplek gehad) en we landen volgens schema op tijd in Amsterdam, waar het inmiddels ook lekker weer is. De bagage is razendsnel op de band en tegen half elf heeft iedereen afscheid genomen van elkaar.

Hopelijk zullen de mooie beelden van de reis ons lang blijven heugen.