Excursie: Oostvaarders­plassen
Vandaag gaan we naar de Oostvaardersplassen. Jikke is bezig een mooie route in elkaar te zetten zodat we zoveel mogelijk gaan zien.
Natuurgebied de Oostvaardersplassen is niet vrij toegankelijk, maar ook vanaf de randen kun je de wildernis goed beleven. Er zijn zo’n 15 uitkijkpunten waar je goed zicht hebt om de ontelbare vogelsoorten die dit gebied rijk is te spotten. En zoals we inmiddels weten zijn er ook grote grazers als edelherten, konikpaarden en Heckrunderen die meestal ook goed te zien zijn. Iets beter speurwerk is nodig voor kleiner wild als vos, ree en haas.

We kunnen en willen niet alle uitkijkpunten bezoeken maar wel een aantal waar we mooie waarnemingen kunnen doen.

Vertrek 8.00 uur vanaf de Rijndijk 312.



Verslag 23 maart 2019
Onze heenreis van 88 km. duurt 1 uur en 8 minuten. Maar ondanks dat arriveren we als eerste.

Bij bezoekerscentrum "de Oostvaarder" vallen we gelijk al met ons neus in de boter. Er loopt een heuse kraanvogel te foerageren. Het zicht is niet optimaal, maar de duidelijke koptekening geeft aan dat dit een adult is.

Grote groepen brandganzen lopen verspreid over het grassige terrein. Van herten en paarden is hier even geen sprake. Rechts zit een slechtvalk op de grond, te herkennen aan zijn typerende houding en zijn grijsblauwe rug. Twee geelpootmeeuwen staan parmantig naast elkaar te showen. Hoe langer je kijkt, hoe meer je kunt ontdekken, maar op een gegeven moment moet je weer verder. Via het Jan van den Boschpad lopen we tussen de rietkragen rechts en het uitgedunde bos links, richting de uitkijkpost. Hier zien we een fraai echtpaar nonnetje dat ongeveer even vaak onder als boven water zit. In de verte zweeft een bruine kiekendief. Hij vliegt af en aan met nestmateriaal en laat zich in het riet zakken. Geen tijd om eten te zoeken. We lopen via een paralel pad weer terug naar de parkeerplaats.

Volgende stop over de brug bij het kleine bezoekerscentrum dat niet zo vaak open is. We steken de weg over om uit te kijken over het Lepelaarsbos, waar we helaas geen lepelaars te zien krijgen, wel grote zilverreigers, de tot mijn verrassing zwarte snavels hebben. Kennelijk broedvogels. Dat weten we dan weer. We dalen af, horen de harde zang van Cetti’ s zanger, en dat wordt op andere plekken nog herhaald. Op het water zien we een mooie vrouw grote zaagbek, die rechtsomkeer maakt als ze onze belangstelling opmerkt. In de verte hoor ik het tjuut tjuut van een tureluur. We lopen nog een eindje verder en keren dan terug via het pad langs het weiland. Er komt een donkere roofvogel overvliegen. Hij heeft wel wat tekening op de onderkant, heeft vrij puntige vleugels, maar we kunnen niet besluiten wat het is. Te weinig licht?! Gelukkig maakt de huismus bij het bezoekerscentrum alles weer goed. En dan te bedenken dat hier ook appelvinken hadden kunnen zitten.

We gaan naar het grote Wilgenbos, waar we een leuke wandeling maken en ook wel wat horen, maar alles wordt overstemd door een afschuwelijke ratelmachine. Als die ophoudt hoor ik vlakbij de auto nog wel een heggenmus.

Op naar het bezoekerscentrum de Zilverreiger. Hier hebben we een uurtje de tijd, hetzij voor koffie of voor een wandeling langs het moerasbos en het meer. Ik kan nog net de matkop met zijn melancholieke liedje horen en zelfs nog even zien. Langs het meer is het koud - ondanks dat de zon nu schijnt - en vooral winderig.

Op de terugweg ga ik naar het scherm waar twee fotografen staan. Daar zie ik – en wat later velen met mij - een blauwborst die aan het foerageren is op een plas dras stukje vlak voor het scherm. De klikkende toestellen doen hem niks en iedereen krijgt ruim de kans deze mooie meneer te bewonderen. Pittig vogeltje met een kleur blauw die wel gentiaan lijkt. Op weg naar het parkeerterrein laat de matkop zich weer zien, evenals een staartmees. Leuk! Ik had de eerste staartmezen gemist. Hierna brengen we nog wat korte bezoekjes her en der, o.a. aan de twee bulten bij de spoorlijn. Alles zit wel erg ver weg. De zeearend zit als een donkere bol bovenop een dode boomstaak. Bij een dood hert loopt een vos, even verderop een raaf? Is die weggejaagd door de vos? Dan gaan we op huis aan, maar op de Trekweg proberen we nog even een glimp op te vangen van de koereiger die hier moet zitten. Het stikt van de grote zilverreigers, maar een koereiger, ho maar. Misschien moet ik die gewoon thuis opzoeken in het Zaanse Rietveld.

We gaan zonniger terug dan heen.om 5 uur zijn we weer in Hazerswoude-Rijndijk.Rest mij nog iedereen te bedanken voor de gezellige, leerzame dag.


Georganiseerd door
VWG


Meer informatie bij
Public Relations: