Vogelweekend 1/3
Voor het vogelweekend in het najaar van 2016 is de keuze gevallen op Groningen. Voor de overnachtingen is het groepshuis in rust- en stiltegebied ‘De heerlijkheid Westerwolde’ bij Sellingen gereserveerd. Hier is plek voor 23 deelnemers.
Hoewel de exacte route nog niet vast staat, zijn de Oostvaardersplassen. het Bargerveen, de Dollard met omliggende polders, het Lauwersmeer en het Zuidlaardermeer al wel op het voorlopige programma gezet.


Verslag 7 oktober 2016
Als buitenbeentjes van de VWG is het vaak tijdverspilling om helemaal naar Hazerswoude te rijden, zeker als het reisdoel van de excursies in onze richting ligt. Toch kozen we voor het bezoekers- centrum Oostvaardersplassen bij Almere als aansluitpunt, omdat we die kant van de Oostvaardersplassen nog nooit bezocht hadden en er best nieuwsgierig naar waren.
We wilden niet dat de club op ons zou moeten wachten, dus reden we om 7.00 uur weg uit Ruurlo. Anderhalf uur rijtijd en een half uur extra voor eventuele files, want de A1 loopt om die tijd nogal eens vol. De reis verliep voorspoedig en om halfnegen stonden we bij het bezoekerscentrum. Het zonnetje kwam door, brandganzen vlogen af en aan, het plasje bij de Gasterij lag vol smienten.
Maar meteen de omgeving afgezocht, want misschien was er iets te zien waar we de groep mee konden verrassen. Al na een kwartiertje werden we op onze wenken bediend.
Er streek een forse eend neer, die luid roepend naar de smienten zwom. Die moesten echter niets van hem hebben. Na een tijdje gaf hij het op en zwom weg.

En nu maar hopen dat de Canonnen uit Hazerswoude en omgeving op tijd zullen arriveren om deze vogel op de plaat te zetten, want de geraadpleegde gidsen gaven ons geen uitsluitsel.
We hebben geluk. Rond kwart over negen komt de groep aangezet, telescopen over de schouders, kijkers en camera's in de aanslag. De gevederde acteur verstopt zich eerst achter het eilandje, maar zwemt uiteindelijk in onze richting en kruipt op de kant voor de plaat.
Op internet vinden we hem terug. Het is een Chileense smient die hier al eerder was gezien.

Na een korte koffiepauze lopen we een stuk westwaarts over het Jan van den Boschpad, naar de tweede stop op het uitkijkpunt. Het zicht is uitstekend. Er wordt een Zeearend gespot. Lastig te vinden door de grote afstand, maar uiteindelijk heeft toch iedereen hem bewonderd door een scoop.

De volgende stop wordt de Onnerpolder, een ruig, nat gebied tussen de stad Groningen en het Zuidlaarder meer. Best een flink eind rijden.
Bert geeft aan dat we onderweg nog even bij het plasje tegenover het Harderbroek zullen stoppen, omdat er al de hele zomer krooneenden zijn gezien. Een prima idee, want we treffen er zeker 50 krooneenden aan en dat is beslist geen alledaagse waarneming.

Vanaf Harderwijk gaat het over de snelweg en zonder oponthoud komen we in de Onnerpolder aan.

Het gebied maakt een wat rommelige indruk, omdat verwilderde percelen en weidegronden soms zonder duidelijke afgrenzing in elkaar overgaan. Dat komt omdat de meeste ''grenzen'' kleine slootjes zijn, die door de vegetatie aan het oog worden onttrokken.
Als we later op de dag boven op het nieuwe gemaal staan wordt het me duidelijker hoe het zit.
In 1998 was er in oostelijk Groningen zo'n wateroverlast, dat besloten werd verschillende polders onder water te zetten om schade aan dammen en dijken te voorkomen. Om in de toekomst niet weer tot dergelijke noodgrepen te hoeven overgaan werden verschillende gebieden ingericht voor waterberging en daar hoorde de Onnerpolder bij. In deze polder wordt drinkwater gewonnen en dat moest zonder onderbreking kunnen doorgaan. Dus moesten de pompstations hoger worden geplaatst. Ook met de agrarische activiteiten moest rekening worden gehouden. Er werd een gemaal gebouwd, want langdurige inundatie is nadelig voor de kwaliteit van de weide-en landbouwgrond.
Weliswaar zal een groot deel van het water na extreme regenval weer spontaan afvloeien, maar om dit proces niet te lang te laten duren wordt het gemaal ingezet. De Onnerpolder kan zo'n 300 miljoen kuub water bergen, een dat is een beste plas.
Vanaf het gemaal valt het ons pas goed op hoeveel grote zilverreigers in dit gebied bivakkeren. Met een grove schatting halen we de honderd. Ook de blauwe kiekendieven hebben er een prima leefgebied.
Het begint te schemeren. Tijd om ons verblijf in Sellingen op te gaan zoeken.
Sellingen ligt nog net in de provincie Groningen, in de uiterste zuidoostpunt, dichtbij de Duitse grens.

We starten in kolonne, maar op vrijdagmiddag om vijf uur ben je elkaar al snel kwijt. Gelukkig biedt de routebeschrijving van Bert uitkomst. Ook de alom aanwezige elektronica houdt het dwalen binnen de perken. Het groepsonderkomen is een grote verbouwde boerderij met bijgebouw. Van de tien beloofde slaapkamers vinden we er negen, maar na enig speurwerk is er een deur in de woonruimte die toegang geeft tot nog een slaapkamer en zo heeft iedereen zijn beloofde slaapplek.


Georganiseerd door
VWG


Meer informatie bij
Public Relations: b.g.g.