Vogeltrek in Noord-Holland
IJmuiden-Hondsbosche-Twisk-Vooroever(Wervershoof)


Verslag 20 oktober 2012
Precies om 8 uur vertrok de karavaan van 13 personen onder een grijs wolkendek naar IJmui-den. Onze eerste stop bleek de pier van IJmuiden te zijn. Een niet zo fraaie, doch stoere pier. Aangezien hij flink lang is, hebben we ons lopend en kijkend een uur of 3 vermaakt. Op het eerste gezicht lijken de pier en de zee verlaten en leeg, afgezien van de vele zeevissers en andere vogelaars - waar we niet voor kwamen - maar als je je ogen goed de kost geeft, blijkt er heel wat klein grut te zitten tussen de basaltblokken, zoals Steenlopers en Bonte Strandlopers. Ook was de trek van de piepers duidelijk waarneembaar. Er vlogen er wel duizenden (?) over ons heen richting het zuiden. Ik krijg dan altijd heimwee naar de zomer: zij wel heerlijk op reis naar de zon!

Sommige van deze trekkers maakten een korte tussenstop op de pier maar we zullen nooit te weten komen of daar ook een Sneeuwgors tussen heeft gezeten, want net op het moment dat Bert hem wilde determineren, draaide ik me om en, tja, toen was de vogel gevlogen.

Op de zee ontdekten we onder andere een Roodkeelduiker, Eidereenden, Zwarte Zee-eend en natuurlijk weer ons troeteldier: het zeehondje, dat rustig ronddobberend tussen de golven aan het zwemmen was. Grappig dat zo'n dier iedereen blijft vertederen.

Ook vertederend was de zoon van een jaar of 8 die zijn vader ervan wist te overtuigen dat een van de 3 Aalscholvers die rondzwommen aan de rustige kant van de pier, beslist een Kuifaalscholver moest zijn, met zijn dunnere snavel en hals en zijn kleinere postuur, maar of hij dat ook zou doen met onze kenner Bert?
Onze tweede stop was de Putten, bij de Hondsbossche Zeewering. Een prachtig stuk natuur: aan de ene kant de robuuste kustdijk en aan de andere kant verschillende kleine meertjes in het Noord-Hollandse weidelandschap. Alleen al dit schouwspel op je laten inwerken is meer dan de moeite waard. Maar nu terug naar onze vogels.

Tussen de Kieviten, Smienten,Wintertalingen, Dodaarzen en Slobeenden ontdekten Ton, Jan en Bert de Watersnip. Met de snavel in de veren stond hij rustig in het water. Wat een fraaie tekening in zijn verendek. Je kunt er uren naar blijven kijken, maar dan heb je wel een telescoop nodig, want met het blote oog zag ik ze echt niet.

Tijd om op te breken. Op naar de volgende stop: Twisk. Weer zo'n landschappelijk juweeltje. Maar voordat we hier arriveerden, stopten we nog even in de polder om het schouwspel van wolken, Goudplevieren, ganzen en Kieviten te bewonderen. Wauw, wat een mooi natuurverschijnsel, al die vogels in de wolken te zien vliegen, met daarbij het drukke gegak van al die ganzen. Het ontlokte Frans de opmerking dat zijn dag weer goed was.
Bij Twisk moesten we even wachten op een van de auto's, omdat de inzittenden een afslag over het hoofd hadden gezien. Ja, dat krijg je met al dat geklets.

In Twisk ontdekten de gidsen een bijzondere Pijlstaarteend: eentje met een roze borst. Toch onmiskenbaar een Pijlstaart volgens hen. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Ook konden we de Kemphaan onderscheiden tussen de Kieviten en ander vogelgebroed. Kemphanen, net als de Watersnip met een prachtig verenkleed en mooie tekening, zijn ook zonder hun kraag de moeite waard.

Onze laatste stop was bij Medemblik, bij de vooroever. Een heel ander beeld: het IJsselmeer ligt er gladjes en verstild bij, met mooi namiddaglicht. De oever bedekt met bosschages en bomen. De wind was inmiddels gaan liggen, en zo werd het op het eind van de dag, om een uur of 4, een mooie laatste stop. Een ander beeld. Dus ook andere vogels. We kregen algauw de Bonte Specht in ons vizier, en Stanley was de gelukkige die een IJsvogel mocht spotten. Ik moet hem maar op zijn bruine ogen geloven, en dat doe ik dan maar, maar wat zou ik o zo graag zelf een IJsvogel in mijn kijker willen zien. Wie weet overkomt me dat nog eens.

Hierna moesten Toet en ik het leuke, aangename gezelschap iets eerder verlaten.

Mijn verslag is een impressie, niet meer dan dat. De precieze observaties laat ik graag aan de echte kenners over, zoals Bert, die Toet en mij maande even stil te zijn om zodoende binnen 3 minuten in zijn hoofd de vogelgids te kunnen doorlopen en vervolgens ons te melden dat hij waarschijnlijk toch wel 60 verschillende vogels heeft gespot. Ik heb nog een lange weg te gaan, maar ik houd moed, en al zal ik het nooit leren, samen vogels zien op dagen als deze blijft een hele belevenis. Tot de volgende excursie, Anne-Marie Wirtz


Georganiseerd door
VWG


Meer informatie bij