Excursie Kampina en Biesbosch
Eerste broedvogels.

Vogels van naaldbos, beek, heide, vennen.


Verslag 17 april 2011
Ongeveer 25 deelnemers stonden stipt om 07.00 uur klaar voor een tamelijk lange rit naar de prachtige Kampina in Brabant. De laaghangende mist werd al snel verdrongen door de zon. De temperatuur liep geleidelijk op tot ± 20 graden, met amper een zuchtje wind. Het werd aldus na een koele start een schitterende dag. Op deze 17e april was het al diverse dagen mooi weer en het zou volgens de voorspelling nog een aantal dagen zo blijven. Deze voorspelling bleek -intussen al diverse dagen na de excursie- helemaal te kloppen. De temperaturen zijn ruim bo-vengemiddeld voor de tijd van het jaar. Ook is het al wekenlang erg droog. Brandweerhelikopters houden de natuurgebieden inmiddels goed in de gaten. Want gekken staan mogelijk al weer klaar om mooie fikkies te gaan stoken. Het is natuurlijk onzinnig om ook dit weersverloop toe te schrijven aan "global warming" veroorzaakt door CO2-uitstoot. Zo (snel) werkt dat niet, al denken sommigen dat. Aan de andere kant vraag ik mij af of ook wij niet een tikje terughoudender behoren te zijn bij het maken van autokilometers. Want behalve dat twee plekken werden bezocht in de Kampina (met een K) werd ook nog de Biesbosch nabij de Nieuwe Merwede aangedaan. Dat is een flink stuk westelijker, waarbij wij af en toe ook nog in een file reden. Dat laatste vooral vanwege het mooie weer natuurlijk.


Sowieso (ik bedoel: hoe dan ook) hadden Jan Hoogeveen en reisleider Bert van Eijk ingezet op een straf tempo. Het deed mij soms denken aan skiën in een groep: zodra achterblijvers de groep met moeite hebben ingehaald wordt snel weer vertrokken. Echt werkvogelen voor vergevorderden met een goede loopconditie dus. Ik weet niet precies wat "militaire precisie" is. Daar had het -denk ik- op deze dag wel iets van weg, gegeven het nauwkeurige tijdschema waarvan niet werd afgeweken. Maar in ieder geval werd weinig tijd verknoeid aan het goed observeren van de gespotte (in dit geval: geziene) vogels. Bovendien, zoals bekend, is horen ook scoren voor ruim gevorderde vogelaars. Bert en Jan, trek het je niet aan. Ik overdrijf hier natuurlijk, ook al verwees Bert herhaaldelijk en met kennelijk genoegen naar zijn diensttijd lang geleden.



Nu naar de waarnemingen. Voor velen was de Amerikaanse Wintertaling (in de Biesbosch) waarschijnlijk het hoogtepunt van de dag. Voor mijn vriendin (geïntroduceerd) en mijzelf was dat o.a. de fraaie wijze waarop een doodgewone (dus Europese) Koekoek zich in de scoop liet bekijken. Ton Renniers maakte ook nog een acceptabele foto hiervan. En dan wil ik ook nog noemen het mininest met 7 of 8 eieren, vlakbij de grond in een half verrotte boomstam, van een (volgens Bert) Pimpelmees. De eerste vinder in de groep van dit nest is bij mij onbekend. Want er was geen Pimpelmees te bekennen. Verder had een Gekraagde Roodstaart de uitstekende gedachte gehad heel duidelijk positie te kiezen op een uitspringende tak.


In de Kampina bleek de Fitis een zeer talrijke vogel, vooral in de buurt van de diverse vennen en meren. Die liet zich een paar maal ook opvallend goed bekijken. In het zonnetje een mooier dan verwacht beestje. Ook diverse soorten piepers lieten zich goed waarnemen, met daarbij ook het bekende parachuutje van de Boompieper. Dat goed kunnen bekijken gold niet voor de Keep. Want juist toen die zich meldde kwam het marstempo diverse deelnemers inclusief mijzelf niet goed uit. Het geluid van de Keep (vriendin en mij als kijkobject onbekend) bleek trouwens een beetje te lijken op dat van een Groenling. Vermoedelijk hebben we beiden dan ook al meermalen verward.



Bij sommige soorten op de lijst van waarnemingen vraag ik mij af of ik er wel bij ben geweest. Ik doel met name op de Goudplevier en Blauwe Kiekendief. Die laatste heb ik elders dit jaar gelukkig wel diverse malen gezien, zij het dat het daarbij meestal "maar" ging om duidelijk niet-blauwe vrouwtjes (pardon). Echt afwezig onder de roofpieten waren, een beetje verrassend, de Havik en de Sperwer. Ook werd ondanks wat speuren nabij de Beerze (een beek of riviertje in Kampina) de IJsvogel niet gezien. Verder kwam ook de Goudvink niet in de kijker. Het Vuur-goudhaantje was een twijfelgeval. Het werd uiteindelijk "nee". Wat betreft de IJsvogel was het niet waarnemen natuurlijk niet aan pure pech te wijten, gegeven de diverse stevige winterperioden gedurende de laatste jaren.



Ondanks de - tot dan - militaire precisie kwamen wij ruim een kwartier later in Hazerswoude aan dan op het verwachte tijdstip (half zes). Maar dat had vast te maken met het kennelijk niet ingecalculeerde wach-ten op de boot richting Dordrecht.



Voor een compleet overzicht van de waarnemingen (waaronder het alleen horen van een Roerdomp) verwijs ik graag naar het overzicht van Jan in de Braakbal. Een best wel indrukwekkend overzicht. Vooral als je die lijst ook op basis van eigen waarneming vrijwel volledig zou kunnen maken.
Ondanks wat licht-kritische kanttekeningen van deze oprechte amateur was het een heerlijke dag. Met dank aan de organisatoren. En aan Anne-Marie Wirtz voor enkele lekkere versnaperingen. Ben Niemeijer


Georganiseerd door


Meer informatie bij
Jan Hoogeveen