Start
»
Activiteitenkalender
»
Activiteiten per maand
»
Bekijk activiteit
Lezing: Vogels kijken met DNA
Een vreemde roodborsttapuit in een duinvallei op Terschelling. Is het een Siberische roodborsttapuit? Of misschien zelfs een Amoerroodborsttapuit?
Op het oog is dat niet met zekerheid te zien, maar met DNA uit een poepje wel. DNA biedt steeds meer mogelijkheden voor het correct op naam brengen van vogels, maar ook voor het in kaart brengen van biodiversiteit.
Spreker Ken Kraaijeveld werkt dagelijks met vogel-DNA. Aan de hand van aansprekende voorbeelden legt hij op een laagdrempelige manier uit hoe dit werkt. En als u zelf nog een determinatie-vraagstuk heeft, denkt hij graag mee over de mogelijkheden!
Ken is zowel vogelaar als docent bio informatica aan de Hogelschool Leiden en onderzoeker aan het Leiden Centre for Applied Bioscience. Daarnaast is Ken voorzitter van de vereniging voor Natuur- en landschapsbescherming Goeree-Overflakkee.
Verslag 10 maart 2026
Op 10 maart vond een interessante lezing plaats over het gebruik van DNA bij vogelonderzoek. De lezing werd gegeven door Ken Kraaijeveld, vogelaar, auteur, docent bio-informatica aan Hogeschool Leiden en onderzoeker bij het Leiden Centre for Applied Bioscience. Daarnaast is hij voorzitter van de vereniging voor Natuur- en landschapsbescherming Goeree-Overflakkee. Tijdens de lezing legde hij op een toegankelijke manier uit hoe DNA-onderzoek steeds belangrijker wordt bij het bestuderen en determineren van vogels.
Een intrigerend voorbeeld
Ken Kraaijeveld besprak een intrigerend voorbeeld: een dode vogel die hij in 2021 vond op het strand bij Ouddorp. Op basis van het uiterlijk kon niet met zekerheid worden vastgesteld tot welke soort de vogel behoorde. Het zou een Zwartkruinkwak of een Geelkruinkwak kunnen zijn.
Met behulp van DNA-onderzoek werd de vogel uiteindelijk geïdentificeerd als een geelkruinkwak (Nyctanassa violacea), een reigersoort die normaal in Noord- en Zuid-Amerika en het Caribisch gebied voorkomt en in Europa zeer zeldzaam is.
Daarbij werd de volgorde van de basen A, T, G en C in het DNA-molecuul geanalyseerd en vergeleken met internationale referentiedatabases. Zo kon met grote zekerheid worden vastgesteld om welke soort het ging.
Voor het onderzoek naar de maaginhoud werd de Polymerase Chain Reaction toegepast. Dit onderzoek leverde echter geen herkenbare voedselresten op; alleen DNA van een bromvlieg uit het geslacht Lucilia werd aangetroffen. Omdat deze vliegen zich meestal pas na de dood op een dier vestigen, gaf dit geen informatie over het dieet van de vogel. Ondanks de genetische bevestiging is de vondst niet officieel aanvaard als Nederlandse dwaalgast, omdat de vogel als kadaver werd gevonden en er onvoldoende aanwijzingen waren dat het dier op eigen kracht Nederland had bereikt.
Hybride puzzel
In 2021 werd een mees aangetroffen waarvan op basis van uiterlijke kenmerken niet vastgesteld kon worden tot welke soort hij behoorde, want hij was veel lichter / valer. De twee mogelijke soorten waren de pimpelmees Cyanistes caeruleus, een veelvoorkomende Europese soort met geel en blauw, en de azuurmees Cyanistes cyanus, afkomstig uit Centraal-Azië en herkenbaar aan wit-blauwe kleuren met een blauwe kop. Omdat zeldzame kruisingen tussen deze soorten – zogenaamde Pleskes Mezen – bekend zijn, werd DNA-onderzoek uitgevoerd. Uit de analyse bleek dat het om een zuivere pimpelmees ging.
Toen gingen bij Ken de raderen weer draaien. Want het MUPKS-gen bij parkieten zorgt voor de gele kleur in de veren. Parkieten die dit een mutatie in dit gen dragen ontwikkelen geen geel, omdat de mutatie in het gen de aanmaak of zichtbaar worden van gele pigmenten onderdrukt. Hierdoor verschijnen alleen de overige kleuren van de vogel, zoals wit of blauw.
Ken vraagt zich nu af of de vermeende pleskes mees eigenlijk geen pimpelmees is met een mutatie in het MUPKS-gen. De tijd en het onderzoek zal het leren.
Dieet analyses
DNA-technieken worden ook gebruikt om inzicht te krijgen in het dieet van vogels. Een voorbeeld is ‘Operatie Zomertortel’, een project ter bescherming van de zeldzame zomertortel, die sterk in aantal is afgenomen. Voor onderzoek naar het dieet van de zomertortel in Nederland werden 58 poepjes verzameld. Het DNA van de planten in de poepjes werd geïsoleerd, het matK-gen via PCR vermenigvuldigd en gesequenced, waarna de sequenties werden vergeleken met databanken. Hieruit blijkt dat de vogels in het voorjaar vooral winterpostelein eten en in de zomer zeewolfsmelk. Op basis hiervan zijn voedselakkers aangelegd met deze planten om de zomertortels te ondersteunen.
Moderne technieken en blik op de toekomst
Tijdens de lezing gaf Ken Kraaijeveld verschillende voorbeelden uit zijn eigen onderzoek en werk, dat hij uitvoert met zijn studenten.
Hij liet zien hoe moderne technieken, zoals DNA-sequencing en bio-informatica, het mogelijk maken om grote hoeveelheden genetische data te analyseren. Hierdoor krijgen onderzoekers een steeds beter beeld van verwantschappen tussen soorten en van de verspreiding van vogels.
Hij eindigde de lezing met een afstudeerproject ‘Lucht eDNA’van een studente. Lucht eDNA is een nieuwe techniek waarbij DNA-deeltjes van dieren, planten en micro-organismen uit de lucht worden verzameld. Door luchtmonsters te nemen en deze te analyseren met DNA-sequencing, kunnen onderzoekers vaststellen welke soorten aanwezig zijn, waaronder vogels en zoogdieren. Deze methode is non invasief, kan veel soorten tegelijk detecteren en biedt mogelijkheden voor continue monitoring van biodiversiteit. In de toekomst kan lucht eDNA een belangrijke rol spelen in natuurbeheer en het vroegtijdig opsporen van zeldzame of moeilijk zichtbare soorten.
Conclusie
De lezing maakte duidelijk dat DNA-onderzoek een steeds belangrijkere rol speelt binnen de vogelstudie en natuuronderzoek. Waar vogelaars traditioneel vertrouwen op uiterlijke kenmerken, geluiden en gedrag, kan DNA tegenwoordig extra zekerheid bieden. Daarmee vormt het een waardevolle aanvulling op het veldwerk van vogelaars.
Al met al was het een leerzame en inspirerende lezing die liet zien hoe moderne wetenschap en vogelobservatie elkaar versterken. Het gaf een interessant inkijkje in de toekomst van natuuronderzoek, waarin genetische technieken een steeds grotere rol zullen spelen.
Mireille
Georganiseerd door
VWG
Meer informatie bij
Mark Bos
Zomertortel
Zomertortel Keutel
Pleskesmees
Het publiek bestudeert DNA
Geelkruinkwak Let op de dolkvormige snavel