|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Start »Waarnemingen » de Wilck » Ganzen en zwanen Wilfred Alblas | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Het belangrijkste gebied voor de kleine zwaan in onze omgeving is het weidevogelreservaat De Wilck met de aangrenzende polders. De Wilck (115 ha) ligt ten noordwesten van Hazerswoude-Dorp. Het gebied kan vanuit het westen worden overzien vanaf de Burmadeweg, en vanuit het oosten vanaf de Vierheemskinderenweg. Er lopen door het gebied geen wegen. Wel zijn beide uitkijkpunten verbonden door een fietspad dat in een noordelijke boog om het gebied loopt. Hier verblijven soms honderden exemplaren van de kleine zwaan, reden voor onze vogelwerkgroep om beschermde status voor dit gebied te vragen. De Europese Status Speciale Beschermingszone is inmiddels toegekend. Sinds 2000 valt het gebied onder de Europese Vogelrichtlijn, i.v.b 1% norm van de overwinterende kleine zwaan. Bij een aantal van deze kleine zwanen is een halsband aangebracht waarvan het nummer kan worden afgelezen. Deze vogels blijken in de Pechora-delta in Noordwest Rusland te zijn geringd, zo'n 3000 km verderop! ( Meer informatie over de (halsbanden van) kleine zwanen treft u aan op www.wildswans.info inclusief heel veel waarnemingen uit ons werkgebied als onderdeel van Holland. Zoek naar GHA of Gouda of Zoetermeer) Aangezien Wilck ook regelmatig duizenden smienten en goudplevieren (een keer zelfs 15.000!) herbergt, is het gebied zeer aantrekkelijk voor de liefhebber van spectaculaire aantallen vogels.
Kleine Zwanen in en om "de Wilck" in 2001
Het verblijfsgedrag van de in onze buurt overwinterende Kleine Zwanen valt deels redelijk te voorspellen: waar oogstresten (bijv. bieten, aardappels) zijn achtergebleven, is de kans redelijk dat je er een groep fouragerende vogels aantreft, zeker in de periode oktober/december. Daarna komt gras meer en meer aan de beurt. In vergelijking met een aantal jaren geleden valt het op, dat er steeds meer sprake is van kleinere groepen over een verspreid gebied. In januari 2001 bleek vooral de Generale Polder in Hazerswoude (direct oostelijk van "De Wilck") zwaar in trek. Daarnaast werd gelukkig ook "De Wilck"zelf een paar keer in voldoende aantal vogels aangedaan. Daardoor blijft dit gebied tenminste aan de 1%-norm (= 170 exemplaren) van de Europese Vogel-richtlijn voldoen. November en december 2001 gaven een heel ander beeld: regelmatig werden nu behoorlijke aantallen in de Hazerswoudse Droogmakerij en de Noordplas gezien. Dit is voornamelijk zuidelijk van Hazerswoude-Dorp. Het onderstaande overzicht met betrekking tot aantallen en verblijfplaatsen (niet op de VWG-geplaats red.site) geeft zowel VWG-leden als andere geïnteresseerden gelegenheid zich te verdiepen in de winterse verblijfplaatsen van de vogels in het kerngebied van onze vereniging. Daarnaast wordt het aan Vogelbescherming Nederland gezonden ter ondersteuning het jaarverslag van de Wetlandwacht. Hiermee wordt het blijvende internationale belang van De Wilck en (wijdere) omgeving voor de Kleine Zwaan nogmaals onderstreept. Omdat Vogelbescherming met kalenderjaar- inplaats van seizoenrapportages werkt is het de bedoeling begin 2003 het totaaloverzicht over 2002 op te stellen en te publiceren. Door de jaren heen geeft dit soort rapportages een goed beeld van de voor deze vogelsoort belangrijke (deel-)gebieden. Op enkele uitzonderingen na zijn alleen de waargenomen aantallen van minstens 170 exemplaren (dit is het vereiste aantal met betrekking tot de Vogelrichtlijn) vermeld. Er zijn dus in feite veel meer waarnemingen. Kleine zwanen in en om de Wilck in 2002Om kleine zwanen te kunnen waarnemen is het in de periode oktober/november
vooral zaak de plekken met overvloedige oogstresten (bieten, aardappelen)
te weten. De kans op succes is daar dan verreweg het grootst. Nadat de
akkers zijn omgeploegd zijn de zwanen weer fouragerend in de "graslandpolders"
te zien. Maar als er in december een vroege vorstperiode van een dag of
tien invalt vertrekt een groot deel van de dieren naar bijvoorbeeld Oost-Engeland
of ons eigen Deltagebied. Dit blijkt uit halsbandmeldingen. Overzicht waarnemingen van minstens 100 bij elkaar verblijvende exemplaren per polder
De hoogste regionaal (tussen Starrevaart/Spookverlaat/Wijde Aa) opgetelde
dagwaarnemingen waren: 525 (08-01), 414 (16-01), 378 (21-01), 269 (25-01)
en 256 (20-11). Tot slot wil ik , Adri de Groot en Aad Zevenhoven bedanken voor de enorme hoeveelheid verstrekte gegevens en / of de toelichtingen op het waarnemingsgebeuren in 2002. |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||